Midden de jaren tachtig botste Jan Van Aken bij een vierdeprovincialer in het Oost-Vlaamse Opdorp op Jozef A., een voetbaltrainer die hem jarenlang seksueel misbruikte. A. werd daarvoor in 1995 veroordeeld. In Sport/Voetbalmagazine vertelt Van Aken nu voor het eerst wat hem overkwam.

De getuigenis van Van Aken komt er terwijl in Engeland een groot proces loopt over seksueel misbruik in het Britse jeugdvoetbal tijdens de jaren zeventig, tachtig en negentig. De Engelse ex-prof Andy Woodward onthulde eind 2016 dat hij als jeugdvoetballer verscheidene jaren misbruikt was. In zijn zog meldden zich nog honderden andere Engelse slachtoffers.

Delen

Model twee van het bewijs van goed gedrag en zeden is speciaal ingevoerd voor contexten met minderjarigen. Wel, dit zíjn contexten met minderjarigen

Jan Van Aken

Ook in België doken de voorbije maanden verscheidene verhalen op over sekueel grensoverschrijdend gedrag in de sport, maar vanuit de voetbalwereld - nochtans de populairste sport van het land - bleef het opvallend stil. Tot nu dus.

Met zijn getuigenis hoopt Van Aken andere slachtoffers ertoe te bewegen om ook met hun verhaal naar buiten te komen. 'Ik ondervind hoe moeilijk de verwerking voor mij is terwijl ik erover praat', zegt hij. 'Dus mag je niet onderschatten welke impact misbruik heeft op iemand die niet durft te praten.'

Vaak aan de dood denken

'Het misbruik sloop binnen', vertelt Jan. 'Het begon met aanrakingen die ongemakkelijk aanvoelden. Nadien kwamen er momenten waarop ik apart gehouden werd van de groep, bijvoorbeeld om te trainen op hoek- en strafschoppen. Bij het douchegebeuren was hij meestal aanwezig. Stap voor stap ging het verder. Uiteindelijk maakte ik het ganse scala mee, van onaangename aanrakingen tot en met verkrachting.'

(...)

'Na mijn twaalfde ging ik almaar beter beseffen wat er gebeurd was. Vaak ging ik letterlijk voor de spiegel staan en vroeg ik: 'Wie zijt gij?' Ik had geen eigen identiteit meer, geen mening, geen enkele houvast. Op school gingen mijn punten zienderogen achteruit. Mijn ouders dachten dat ik een moeilijke jongen was die het zich allemaal niet erg aantrok. Maar als ze kwaad op me werden, kwam dat bij mij heel hard binnen. Ik voelde me altijd onrecht aangedaan. Vaak dacht ik: jullie moesten eens weten waar ik mee zit. Ik overwoog weg te lopen van huis. Ik begon veel alcohol te drinken en te experimenteren met softdrugs. Ik ging ook almaar vaker aan de dood denken. Eén keer heb ik in Malderen op het perron gestaan, maar ik durfde niet te springen.'

Verpletterende verantwoordelijkheid

Delen

Uiteindelijk maakte ik het ganse scala mee, van onaangename aanrakingen tot en met verkrachting

'Enkele maanden geleden beleefde ik een ernstige terugval. Zulke terugvallen hangen samen met mijn posttraumatische stressstoornis. Als ik in bepaalde situaties te veel stress ervaar en daardoor de controle dreig te verliezen, word ik letterlijk ziek. Ik krijg dan griep, diarree, koorts en ik moet braken. Er doemen sombere gedachten in mij op en ik krijg vaak black-outs. Die zijn een verschijningsvorm van dissociatie, een verdedigingstechniek van de geest die ik ook al onderging tijdens het misbruik. Als A. me aanrandde, deed ik bijvoorbeeld alsof ik sliep. Het was dan alsof mijn geest me er probeerde van te overtuigen dat iemand anders het misbruik meemaakte, dat ik enkel toeschouwer was.'

(...)

'Er moeten maatregelen komen om te garanderen dat de medewerkers binnen jeugdverenigingen koosjer zijn', vindt Jan Van Aken. 'Dan spreken we bijvoorbeeld over een bewijs van goed gedrag en zeden, model twee. Volledige zekerheid geeft dat niet, maar zo bouw je ten minste al een middel in dat mensen weert die zo'n bewijs niet kunnen voorleggen. De minister van Sport (Philippe Muyters, N-VA, nvdr) is blijkbaar niet happig om dat te verplichten. Hij denkt dat veel vrijwilligers daardoor zullen afhaken. Maar ik heb liever dat het een volwassene wat hindert in zijn vrijheid om zomaar ergens aan de slag te gaan dan dat één kind gruwelijkheden moet meemaken. Trouwens: tegenwoordig vraag je zo'n bewijs bij wijze van spreken in een vingerknip aan. En men heeft speciaal zo'n model twee in het leven geroepen voor contexten met minderjarigen. Wel, dit zíjn contexten met minderjarigen. Hiervoor dient dit document, toch? Waarvoor anders? Wij, volwassenen, moeten ons ervan bewust zijn dat we een verpletterende verantwoordelijkheid dragen naar onze kinderen toe.'

'Als hij mij aanrandde, deed ik alsof ik sliep'

Lees het volledige verhaal van Jan Van Aken in onze +zone of in Sport/Voetbalmagazine van 7 februari 2018.

Nood aan een gesprek?

Wie dringend nood heeft aan een gesprek, kan 24/7 terecht op de Zelfmoordlijn via het nummer 1830.

Mensen die willen praten over hun seksuele gevoelens tegenover kinderen, kunnen bellen naar de hulplijn van 'Stop it Now!': 0800/200.50.

Wie vragen heeft over geweld, kan terecht op het nummer 1712.

Sport/Voetbalmagazine opende vorig jaar een mailadres (onderzoek.voetbalmagazine@roularta.be) waarop mensen terechtkunnen die informatie hebben over seksueel misbruik binnen het Belgische (prof)voetbal en voor mensen die hun eigen verhaal willen vertellen. De redactie garandeert desgewenst volledige anonimiteit en publiceert niets zonder uw toestemming.

Criminologe Tine Vertommen voert aan de Thomas More-hogeschool onderzoek naar geweld tegenover kinderen in de sport. Ze leidt het Vlaamse luik van VOICE, een internationaal project dat slachtoffers van seksueel misbruik in de sport een stem wil geven. 'VOICE vervult een heel belangrijke functie voor slachtoffers van seksueel grensoverschrijdend gedrag', benadrukt Jan Van Aken, die zijn getuigenis ook bij dat project liet optekenen. 'De kerntaken van VOICE - praten en erkenning geven - zijn voor slachtoffers cruciaal om hun trauma's te verwerken. Mijn waardering en dank ten opzichte van Tine en haar team zijn enorm.' Slachtoffers kunnen met hun verhaal nog steeds bij Tine Vertommen terecht: voice@thomasmore.be